blog

Column: Ni hao!

Publicatie

21 jan 2013

Auteur

Katrien Bogaerts

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

Ik bel tegenwoordig vaak naar Frankrijk. Niet om te kijken of mijn Frans nog altijd min of meer meekan, maar omdat mijn beste vriend daar gestationeerd is. Hij werkt voor een grote raffinaderij die ook een afdeling heeft in het noorden van Frankrijk. Toen ze aan hem vroegen of hij openstond voor een ervaring in het buitenland heeft hij positief geantwoord. Ik ook op mijn bedrijf hier, maar wij wisselen niet elk jaar van functie en zij wel. Toen hij de kans kreeg, heeft hij die dan ook met beide handen gegrepen. Terecht natuurlijk, want hij hoeft met niemand rekening te houden en zal na twee jaar alweer terug in België zijn. Vrienden vinden het leuk want dan kunnen ze een weekendje bij hem uitblazen en zijn moeder vergeeft het hem heus wel eens.

Ik zou liever naar verdere oorden trekken in plaats van naar onze buurlanden. Dichterbij huis is niet altijd een voordeel: je bent snel terug thuis, maar als je liever een echte thuis opbouwt, is het volgens mij niet zo slecht om eens opnieuw te beginnen. Ik heb vrienden die ondertussen gestationeerd zijn in Finland, Maleisië, Australië, Brazilië, Canada en zelfs eentje die het getroffen heeft en elke dag na het werk gaat surfen in Hawaï. En dan tel ik de bestemmingen dichter dan een goeie duizend kilometer niet eens mee! Maar stel dat je, zoals één van mijn naaste collega’s hier op BASF, in China op een plek terecht komt waar er voor je familie niet veel actie overblijft. Ik vind het wel belangrijk dat mijn vriend werk kan vinden dat hij graag doet en dat we ook leuke dingen kunnen doen buiten de werkuren zodat we er vrienden kunnen maken. Beetje moeilijk als blijkt dat de beschrijving van “the middle of nowhere” zich situeert in de Chinese vlakte… Bovendien moet je kunnen wennen aan de taal, het land, de mensen en hun gewoontes. Gemakkelijk hoeft dat niet te zijn, maar Chinees of Japans aanleren lijkt me nu toch echt wel heel moeilijk. Karaoke zie ik daarentegen dan wel weer zitten. Maar ik denk niet dat ik mijn wederhelft meekrijg naar zo’n bestemming. Hij zingt nogal vals.

Ik weet niet wat we zouden doen op dit moment, maar ook niet wanneer de kans zich eens voordoet. Momenteel ligt het moeilijker: net zoals elke Belg graag wil, zijn we bezig met de bouw van ons eigen huis. De werken zullen nog zeker een jaar duren en wie weet wat er dan weer tussenkomt? Ik zou het niet erg vinden om kinderen deels te laten opgroeien in het buitenland. Ideaal zelfs, dan pikken ze snel een andere taal op. Zo praat het dochtertje van een collega naast Duits (papa) ook Japans (mama), Engels (internationale kleuterschool) en Nederlands (vriendjes van de buren/jeugdbeweging). Zolang ze jonger zijn dan een jaar of acht aarden kinderen volgens mij overal. Daarna hechten ze zich meer en meer aan hun vriendjes en is het natuurlijk niet leuk om een tot dan vertrouwde omgeving achter te laten om terug naar België te keren. Maar ik denk niet dat je me kunt overtuigen om effectief kinderen te krijgen in het buitenland. Dat is persoonlijk, omdat ik dan liever omgeven ben door mensen die mij door en door kennen. Er is thans een nichtje van me geboren toen haar ouders in het westen van Amerika verbleven voor de opleiding van haar vader die arts is. Haar paspoort vermeldt Hollywood als geboorteplaats en ze heeft zowel de Belgische als de Amerikaanse nationaliteit. Is toch geweldig, niet?

Katrien Bogaerts werkt sinds 2009 als productie-ingenieur op het MDI-bedrijf bij BASF Antwerpen.

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.