De gaswinning uit het Groningenveld daalt komend jaar naar maximaal 8,1 miljard kuub. Dat is 1,2 miljard kuub minder dan in juni was voorzien. Dat staat in een Kamerbrief van minister Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) over het zogenaamde vaststellingsbesluit. Het is voor het eerst sinds eind jaren zestig dat er onder de 10 miljard kuub wordt gewonnen in Groningen.

Minister Wiebes besloot in 2018 om de gaswinning te stoppen vanwege de veiligheid van de Groningers. Naar verwachting is er vanaf medio 2022 geen gas meer nodig uit het Groningenveld, in een jaar met normale weersomstandigheden.
Een aantal locaties blijft daarna stand-by. Daar wordt nog een minimale hoeveelheid gas gewonnen. Op die manier is een klein aantal stations gebruiksklaar als dat plotseling nodig is, bijvoorbeeld bij een extreem strenge winter, in combinatie met uitval van grote installaties.
Door de gaskraan te sluiten, vermindert de kans op aardbevingen als gevolg van de gaswinning in Groningen. In het regeerakkoord was oorspronkelijk nog besloten dat de winning de komende jaren rond de 20 miljard kuub zou bedragen.

Vandaag start minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat de bouw van een mengstation voor aardgas in Zuidbroek. Deze installatie wint stikstof uit de lucht en mengt dit met hoogcalorisch gas. Zo ontstaat laagcalorisch gas wat wél bruikbaar is voor Nederlandse consumenten en bedrijven. Dit is één van de maatregelen die ervoor zorgt dat het Groningenveld al in 2022 kan sluiten. Zuidbroek levert vanaf 2022 jaarlijks zeven miljard kubieke meter bruikbaar aardgas op.

Het hoogcalorische gas voor het mengstation in Zuidbroek komt uit het buitenland en uit kleine gasvelden in Nederland. De installatie haalt lucht naar binnen en scheidt stikstof en zuurstof. De zuurstof verlaat de installatie en de stikstof wordt bij het hoogcalorisch gas gevoegd. Het resultaat is laagcalorisch gas. Dit pseudo-Groningengas kunnen consumenten en bedrijven gebruiken in hun bestaande apparatuur.

Stikstof Wieringermeer

Gasunie nam eind 2019 nog de uitbreiding van de bestaande installatie in Wieringermeer in gebruik. Daarmee verhoogde de stikstofcapaciteit al met 80.000 kuub per uur. De installatie In zuidbroek voegt daar straks nog eens 180.000 kuub per uur extra stikstof aan toe. Naast deze stikstoffabrieken staat er ook nog een in Ommen. Ook het hoogcalorische gas van de Gate Terminal kan met stikstof uit een locale installatie naar Groningenkwaliteit worden omgezet.

Zuidbroek

Air Products bouwt de stikstofinstallatie bij Zuidbroek. De installatie beslaat een terrein van ongeveer twaalf hectare en krijgt een capaciteit van 180.000 kuub stikstof per uur. Deze capaciteit is ruim tien keer groter dan de bestaande stikstofinstallatie in Zuidbroek. Het stikstofmengstation is gegund aan een joint venture van Visser & Smit Hanab en A.Hak Leidingbouw.

Reductie Groningengas

In 2022 gaat het mengstation in Zuidbroek van start en komt het eerste gas uit de installatie beschikbaar. Het maakt een reductie mogelijk van het Groningengas van ongeveer zeven miljard kuub per jaar, tot tien miljard in een koud jaar. Dit is bijna dertig procent van het binnenlands verbruik. Het nieuwe mengstation komt te staan naast een bestaande installatie en gaat circa vijfhonderd miljoen euro kosten.

Grootverbruikers

In januari 2018 heeft de minister 200 industriële grootverbruikers van G-gas per brief aangegeven dat de voorziening van G-gas wordt afgebouwd en zij tot 2022 (4 jaar) de tijd hebben om daarop maatregelen te treffen. Inmiddels is dat aantal teruggebracht tot de negen grootste verbruikers.

Vanaf zomer 2022 is er in een gemiddeld jaar geen gaswinning meer nodig uit het Groningenveld. Dit heeft het kabinet al eerder besloten om de oorzaak van de aardbevingen aan te pakken. Nu blijkt dat er dit jaar een verdere verlaging van de winning mogelijk is: van de verwachte 11,8 miljard kubieke meter dit jaar naar 10 miljard kubieke meter per jaar.

Deze vermindering komt doordat een nog hogere stikstofinzet wordt gehaald. Daarnaast kon de gasopslag Norg verder worden verruimd. Ook de zachte winter speelt een rol. De jaarlijkse raming van de netbeheerder over de nog benodigde gaswinning uit het Groningenveld heeft minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat aan de Tweede Kamer gezonden.

Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) adviseert een winning onder de 12 miljard kubieke meter in een gemiddeld jaar. Het kabinet blijft zoeken naar verdere mogelijkheden om de gaswinning te verlagen. Dit jaar kan de winning in het huidige gasjaar inderdaad nog verder beperkt worden. Dit kan bijvoorbeeld door hogere inzet van stikstof. Het bijmengen van stikstof maakt van hoogcalorisch gas het voor consumenten en industrie geschikte laagcalorische gas.

Verlaging gaswinning tot 3 miljard Nm3

Uitgaande van een gemiddeld temperatuurverloop is de benodigde gaswinning in het komend gasjaar 2020/2021 9,3 miljard Nm3. In het gasjaar 2021/2022 daalt de winning vervolgens tot circa 3 miljard Nm3. De winning kan vanaf het voorjaar 2022 naar nul. Het veld blijft daarna alleen nog enkele jaren nodig als reservemiddel om leveringszekerheid te borgen voor extreem koude situaties.

Gasunie Transport Services (GTS) geeft aan dat als de afbouw van de vraag volgens planning verloopt het veld in 2025/2026 definitief kan worden gesloten. Vanaf halverwege 2022 blijft er een aantal productielocaties standby. Alleen in een koud jaar is volgens GTS nog een klein restant, maximaal 0,5 miljard kubieke meter, nodig uit het veld. De sluiting en ontmanteling van productielocaties is al ingezet (zoals in Ten Post). Dit wordt de komende jaren voortgezet. Samen met de regio, TNO, toezichthouder SodM en de Mijnraad wordt uitgewerkt hoe op een verantwoorde wijze de overige clusters kunnen worden gesloten.

Dit alles laat zien dat het kabinet samen met alle partners alles op alles blijft zetten om de gaswinning zo snel mogelijk naar nul te krijgen.

 

 

Gasterra, het verkoopkantoor van Gronings gas, wordt de komende jaren geleidelijk afgebouwd. Door het stopzetten van de gaswinning in Groningen komt ook de kernactiviteit van Gasterra op termijn te vervallen. De gezamenlijke aandeelhouders hebben de directie van Gasterra gevraagd een plan op te stellen voor een zorgvuldige afbouw waarbij de onderneming haar verplichtingen kan blijven nakomen.

Dat staat in een brief die minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. De medewerkers van Gasterra zijn vandaag over het besluit geïnformeerd. Uitgangspunt van het afbouwplan is dat Gasterra ook de komende periode kan blijven bijdragen aan een verantwoorde afbouw van de gaswinning uit het Groningenveld en bovendien aan haar lange termijnverplichtingen kan voldoen. Voor de circa 165 medewerkers komt een sociaal plan.

Gasterra is onder meer verantwoordelijk voor de verkoop van het door NAM geproduceerde Groningengas. De onderneming is een publiek-private samenwerking tussen de overheid, Shell en ExxonMobil. De Staat bezit de helft van de aandelen.

De gaswinning uit het Groningenveld daalt het komende gasjaar naar 11,8 miljard kuub. Daarmee zakt de winning onder het door Staatstoezicht op de Mijnen geadviseerde niveau van twaalf miljard kuub. Naar verwachting zal de gaswinning in Groningen vanaf medio 2022 op nul uitkomen.

Dat schrijft minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat in een brief aan de Tweede Kamer. Het kabinet neemt een aantal aanvullende maatregelen waardoor de gaswinning nog sneller daalt dan men vorig jaar voorzag. Volgens netbeheerder Gasunie Transport Services (GTS) leidt dat ertoe dat de winning bij een gemiddelde temperatuur al medio 2022 nihil kan zijn. In het geval van een strenge winter kan het nodig zijn dat ook na 2022 nog gas moet worden gewonnen. NAM sluit het gasveld daarom pas  op een later moment.

Stikstof

Afgelopen zomer werkte Wiebes aanvullende maatregelen uit die het komende gasjaar (oktober 2019 tot oktober 2020) al zorgen voor een extra daling van de winning uit het Groningenveld. Hierbij speelt de inzet van stikstof een sleutelrol. Door toevoeging van stikstof aan hoogcalorisch gas ontstaat laagcalorisch gas, ook wel pseudo-Groningengas genoemd. De productie van meer pseudo-Groningengas zorgt voor daling van de winning van Groningengas. Wiebes besloot ook de gasopslag Norg te vullen met pseudo-Groningengas waardoor minder gas uit het Groningenveld nodig is. Ook exporteert Gasterra meer pseudo-Groningengas naar Duitsland.

Twaalf miljard kuub

Met de extra maatregelen geeft het kabinet invulling aan de belofte om alles te doen om de gaswinning zo snel mogelijk te beëindigen. De versnelde afbouw en de aanvullende maatregelen brengen wel financiële consequenties met zich mee. Zo leidt de verlaging naar 11,8 miljard kubieke meter tot vierhonderd miljoen euro minder aardgasbaten op de rijksbegroting komend jaar.

Compensatie

De lagere winning en de inzet van gasopslag Norg hebben ook financiële gevolgen voor de aandeelhouders van NAM, Shell en ExxonMobil. In het vorig jaar gesloten Akkoord op Hoofdlijnen spraken de betrokkenen af dat ze bij een substantiële wijziging van de gaswinning nieuwe afspraken maken. De gesprekken ronden de partijen naar verwachting volgend voorjaar af. In afwachting daarvan is voor de kosten van gasopslag Norg en de lagere winning een voorlopig bedrag van negentig miljoen euro afgesproken dat later wordt verrekend.

Minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes moet beter motiveren waarom NAM de Groningse gaswinning na het huidige gasjaar 2018-2019 niet sneller kan afbouwen naar nul. Dat zegt de Raad van State. De minister maakte niet duidelijk welke inspanningen tegen welke kosten mogelijk zijn om de gasvraag van industriële grootverbruikers, de glastuinbouw en de gasexport sneller af te bouwen.

Aanleiding voor de uitspraak zijn beroepschriften van inwoners van Groningen, de Groninger Bodem Beweging, provinciale staten van Groningen en diverse Groningse gemeenten tegen het instemmingsbesluit van de minister over de gaswinning.

Snel beëindigen

Bij het bepalen van de maximale hoeveelheid gas die de NAM in het gasjaar 2018-2019 mag winnen, woog de minister het veiligheidsbelang van de Groningers en de leveringszekerheid tegen elkaar af. Bij dat veiligheidsbelang hechtte de minister veel waarde aan de beslissing van het kabinet van 29 maart 2018 om de gaswinning zo snel mogelijk te beëindigen.

Hoge eisen

Het grote belang van de veiligheid in deze afweging maakt dat de minister goed moet uitleggen op welke manier hij op zo kort mogelijke termijn een einde wil maken aan de gaswinning. En omdat hierbij de grondrechten van Groningers in het geding zijn, stelt de Raad van State hoge eisen aan deze uitleg.

Afbouw gasvraag

De motivering van de minister voldoet voor de periode ná het gasjaar 2018-2019 niet aan die hoge eisen, oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak. De minister moet concreet duidelijk maken waarom de gaswinning in Groningen niet sneller kan worden afgebouwd. Hij deed dat niet voor de sectoren industriële grootverbruikers, glastuinbouw en gasexport. Daarom vernietigt de Afdeling bestuursrechtspraak het instemmingsbesluit van de minister.

Voor het huidige gasjaar 2018-2019 stelde de minister het gaswinningsniveau wel juist vast. De minister maakte voor dit gasjaar namelijk aannemelijk dat het winnen van minder gas grote maatschappelijke gevolgen kan hebben. Bovendien is de norm die de minister hanteert voor de berekening van de kans op het grootste veiligheidsrisico, een overlijden als gevolg van een aardbeving, voor dit gasjaar aanvaardbaar. De minister hoeft voor dit gasjaar dan ook geen lager gaswinningsniveau vast te stellen.

Ondanks het terugschroeven van de gasproductie, werd Groningen vanmorgen opgeschrikt door een aardbeving. De beving had een magnitude van 3.4 volgens de Schaal van Richter, wat maar 0.2 punten lager is dan de hoogst gemeten aardbeving. Het epicentrum lag bij Westerwijwerd.

NAM-directeur Johan Atema: ‘Vanochtend heeft er rond 06.00 uur een aardbeving van 3.4 plaatsgevonden in de omgeving van Westerwijtwerd. In de eerste plaats ben ik opgelucht dat er voor zover wij weten geen persoonlijk letsel is. Maar natuurlijk ben ik ook geschrokken van deze aardbeving en het effect dat deze weer heeft op de Groningers. Wij werken aan een analyse conform het Meet- en Regelprotocol Groningen. Binnen 48 uur stuurt de NAM een eerste analyse aan SodM en EZK.’

Sinds de jaren negentig hebben meer dan duizend aardbevingen in het noorden plaatsgevonden doordt doordat de zandsteenlaag in elkaar wordt gedrukt als gas uit de bodem wordt gehaald.

Vorig jaar heeft NAM nog productieclusters gesloten na een aardbeving bij Zeerijp. De gasproductie was al teruggeschroefd naar 21,6 miljard kuub per jaar.

Op 12 juni wordt de scenariowedstrijd Northern Back From the Future officieel afgetrapt met een symposium. Vertegenwoordigers van het industriecluster in de Eemsdelta en Industrielinqs zullen hun visie geven op de toekomst van de industrie.  Teams en geïnteresseerden zijn van harte uitgenodigd om de presentaties kosteloos bij te wonen. 

Sprekers tijdens het aftrapsymposium zijn onder meer Edward Groen van chemiebedrijf Teijin Aramid, Frans Alting van de Samenwerkende Bedrijven Eemsdelta en hoofdredacteur Wim Raaijen van Industrielinqs. Aanvang van het symposium is 13.30 in zaal 0253 van het gebouw Bernoulliborg van de Rijksuniversiteit Groningen.

Studiereis

Northern Back from the Future is een scenariowedstrijd voor studenten en young professionals. Teams van drie personen beschrijven de toekomst van het industriecluster in de Eemsdelta en ze formuleren stappen die nu en op de middellange termijn nodig zijn. Het winnende team krijgt een geheel verzorgde studiereis, mogelijk naar Japan.

Centrale vraag

Met een speciale industrie-agenda en het noordelijke overleg over het Klimaatakkoord zijn de afgelopen twee jaar stevige doelstellingen geformuleerd voor de Eemsdelta. Scope is daarbij 2050 en 2030. Maar wat zijn de stappen die nu gezet moeten worden? Dat is de centrale vraag van de scenario-wedstrijd Northern Back from the Future.

Whitepaper

Van teams wordt gevraagd om eerst hun eigen beeld te schetsen van de Eemsdelta in 2050. Daarbij worden ze onder andere geholpen door veel informatie uit de Industrie-agenda en de resultaten van het klimaatoverleg. In een whitepaper van maximaal 5000 woorden (ongeveer 10 pagina’s A4) moeten zij vervolgens schetsen welke stappen het industriële cluster in de Eemsdelta op de korte en middellange termijn moet en kan zetten. Om de doelstellingen voor de periode 2030-2050 te halen.

Opzet

  • Teams van drie personen schrijven samen een white paper van maximaal 5.000 woorden.
  • Maximale leeftijd van de teamleden is dertig jaar. Naast studenten mogen ook jonge promovendi en young professionals aan de wedstrijd meedoen.
  • Als achtergrondinformatie krijgt elk team ondermeer de beschikking over de Industrie-agenda en de rapportage van de Industrietafel Noord-Nederland. Daarin staan de doelstellingen voor de toekomst. Ook wordt op 12 juni in Groningen een aftrapsymposium georganiseerd.
  • Aanbevolen wordt om deze groepen heterogeen samen te stellen. Het kan verrijkend werken om verschillende studierichtingen of specialismen in te zetten. Ook hybride teams van studenten, onderzoekers en professionals zijn toegestaan.
  • Teams kunnen naast een wetenschappelijke begeleider ook een ervaren adviseur aanstellen vanuit de industrie in de Eemsdelta. De organisatie kan daarbij ook een bemiddelende rol spelen. Voordeel is dat de teams dan informatie uit de praktijk krijgen en ook bijvoorbeeld een bezoek kunnen brengen aan de industrie. Dat is kennis- en relatieversterkend en het kan extra inspirerend werken.
  • De white papers worden door een jury beoordeeld. Het is mogelijk dat er bij voldoende aanmeldingen net na de zomer (begin september) een voorronde wordt georganiseerd. Teams kunnen hun white paper dan aan de jury presenteren. Half september moeten de drie finalisten bekend zijn. Deze finalisten moeten gaan pitchen tijdens het congres Eemsdeltavisie 2019, half oktober in Delfzijl. Dat gebeurt met een film, die samen met de redactie van Industrielinqs wordt gemaakt, een korte presentatie, Q+A en een onderling debat. Elk team moet een ander team tijdens de Q+A het vuur aan de schenen leggen.
  • Uiteindelijk verdeelt de jury zestig punten. Twintig punten worden verdeeld door de congresbezoekers en twintig door internetstemmen.

Prijs en publicatie

  • Momenteel werkt de organisatie aan de funding voor een studiereis. Er wordt gedacht aan een bezoek aan de procesindustrie in Japan of de VS.
  • Van deze reis wordt uitgebreid verslag gedaan in de publicaties Petrochem en Het Nieuwe Produceren.
  • Ook is het de bedoeling dat kwalitatief goede white papers worden gepubliceerd. Dat kan via de media van Industrielinqs, maar ook de internetsites van bijvoorbeeld Chemport Europe, Groningen Seaports en meer.

Belangrijke data

  • Aftrapsymposium 12 juni 2019 aan de Rijksuniversiteit Groningen. Met presentaties van de industrie in de Eemsdelta.
  • Uiterste inschrijfdatum teams 17 juni
  • Uiterste inleverdatum white papers 1 september
  • Begin september mogelijke voorronde
  • 16 oktober finale en bekendmaking winnaar

Aanmelden

Teams kunnen zich aanmelden met een mail aan de hoofdredacteur van Het Nieuwe Produceren en Petrochem, Wim Raaijen (wim@industrielinqs.nl). Vermeld daarin de namen van de teamleden, hun e-mailadressen en de onderwijsinstelling, bedrijf of organisatie waaraan zij verbonden zijn. Geef verder aan wie begeleider is en of er interesse is in ondersteuning uit de industrie.

Eemsdeltavisie

Jaarlijks organiseert Industrielinqs (uitgever van onder andere Petrochem en Het Nieuwe Produceren) in het najaar het congres Eemsdeltavisie. Mede-initiatiefnemers zijn Chemport Europe, Groningen Seaports, SBE en Eemsdelta EZ. Het congres brengt ieder jaar 120-150 beslissers bij elkaar rond inspirerende thema’s en met interactieve programma’s. Dit jaar wordt het evenement samen georganiseerd met de VNCI, die gelijktijdig en geïntegreerd met Eemsdeltavisie  haar programma Behind the Scenes organiseert. Om de wedstrijd en de studiereis mogelijk te maken ondersteun EemsdeltaGreen het initiatief. Ook Chemie Park Delfzijl (CPD) draagt daar het nodige aan bij. Bovendien maakt het CPD andere extra onderdelen mogelijk, waaronder een bustour langs de chemiefabrieken in Delfzijl.

 

In 2018 was Nederland voor de eerste keer netto importeur van aardgas. De importwaarde van aardgas was bijna 12 miljard euro, 43 procent hoger dan in 2017. Nederland exporteerde mede dankzij hogere prijzen voor 9,8 miljard euro aardgas. Het handelstekort kwam uit op 2,1 miljard euro. Dit meldt het CBS op basis van voorlopige cijfers van de Nederlandse goederenhandel.

De Nederlandse uitvoerwaarde van aardgas in de periode 2000–2018 was in totaal 202 miljard euro. In diezelfde periode was de waarde van de gasinvoer ruim 101 miljard euro, zodat het handelsoverschot in aardgas uitkwam op afgerond 100 miljard euro. In 2012 was dit overschot het grootst met ruim 10 miljard euro. In 2012 en 2013 bereikte de Nederlandse uitvoerwaarde een historisch hoog niveau met ruim 17 miljard euro. In deze jaren was in de koude winter in Europa meer vraag naar aardgas. Daarnaast was de uitvoerprijs van aardgas in die jaren relatief hoog. In 2018 was de aardgasexport 9,8 miljard euro. Dat is 43 procent minder dan zes jaar eerder.

Meer buitenlands aardgas

De afgelopen jaren vond in de provincie Groningen een reeks van aardbevingen plaats. Het kabinet nam in maart 2018 het besluit om de winning van aardgas in het Groningerveld af te bouwen. Inmiddels is tussen 2012 en 2018 de winning van aardgas meer dan gehalveerd. De import van gas, vooral uit Noorwegen en Rusland, is in de laatste jaren juist toegenomen. In 2018 werd bijna 56 miljard kubieke meter aardgas geïmporteerd. Dat is ruimschoots een verdubbeling in vergelijking met 2012.

Van het ingevoerde aardgas is 7 procent LNG. De import van dit vloeibare gas was vorig jaar 4 miljard m3, tegen 1,5 miljard m3 een jaar eerder.

Woordvoerders van alle Tweede Kamerfracties hebben een motie van GroenLinks-Tweede Kamerlid Tom van der Lee ondertekend waarin wordt uitgesproken dat er een parlementaire enquête naar de gaswinning in Groningen gaat komen. De enquête zal starten wanneer regio en Rijk twee gezamenlijke doelen in het kader van de versterkingsoperatie en schadeafhandeling hebben behaald. De motie komt vandaag nog in stemming en daarmee geeft een eensgezinde Tweede Kamer de Groningers duidelijkheid dat er een parlementaire enquête zal komen.

In de eerste week na het Kerstreces diende Tom van der Lee, samen met Henk Nijboer (PvdA) al een motie over de enquête in. Op verzoek van de coalitie heeft hij  de motie vervolgens aangehouden en is hij in gesprekken met Dilan Yeşilgöz-Zegerius (VVD), Agnes Mulder (CDA), Mathhijs Sienot (D66) en Carla Dik-Faber (Christen Unie) tot een verbeterde tekst gekomen. Deze motie is vervolgens door woordvoerders van alle andere fracties mede ondertekend.

De motie verzoekt het presidium met een parlementaire enquête te starten op het moment dat de volgende gezamenlijke doelen van regio en Rijk in het kader van de versterkingsoperatie en schadeafhandeling behaald zijn:

  • De beoogde uitvoeringsorganisaties – het Instituut Mijnbouwschade en het Instituut Versterkingsorganisatie – zijn opgericht, wettelijk verankerd en functioneren;
  • Fysieke versterking van de meest risicovolle woningen structureel op gang is gekomen, evenals het proces van schadeafhandeling.

Tom van der Lee: ‘Terwijl heel Nederland profijt heeft gehad van de opbrengst van de gaswinning, zitten veel Groningers nog dagelijks met schade of in nog niet versterkte huizen en leven velen van hen in grote onzekerheid. Het is belangrijk dat een eensgezinde Tweede Kamer nu zekerheid biedt over de komst van een parlementaire enquête. Er zal daarin publieke verantwoording worden afgelegd over keuzes die door betrokken personen, bedrijven en instanties zijn gemaakt’

Een parlementaire enquête is het zwaarste middel dat de Tweede Kamer kan inzetten. De getuigen die de enquêtecommissie oproept, zijn verplicht om te verschijnen en bovendien staan alle sprekers onder ede. Dat betekent dat ze strafrechtelijk kunnen worden vervolgd wegens meineed wanneer blijkt dat ze niet de waarheid hebben gesproken.

Dit wordt de 21e parlementaire enquête in de Nederlandse geschiedenis. Alle eerdere enquêtes  brachten waardevolle informatie aan het licht. Hopelijk kunnen er straks ook waardevolle lessen worden getrokken voor de toekomst.